Actueel

Godsdienstvrijheid is een mensenrecht


De waarden van vrijheid van godsdienst en overtuiging zijn universeel, godsdienstvrijheid een intrinsiek recht van iedereen.


Enkele jaren geleden sprak professor Hans Küng bij ons over de ethiek van de wereldgodsdiensten. Daarbij legde hij de nadruk op de morele waarden die alle wereldgodsdiensten met elkaar delen. Küng vatte de boodschap samen in: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet”. Kijk niet naar de verschillen, maar zoek wat je bindt. Vrijheid van godsdienst is daarbij een absolute voorwaarde.

 

Religieus fanatisme verspreidt zich over de wereld. Religie wordt geëxploiteerd om mensen dom, arm en onderdrukt te houden. Het was goed dat Paus Benedictus XVI in zijn Vredesboodschap op 1 januari de nadruk legde op godsdienstvrijheid als een belangrijke voorwaarde op weg naar vrede. Hij verwijst daarbij naar de onlangs gehouden Synode voor het Midden Oosten, die vanzelfsprekend veel aandacht besteedde aan de onderdrukking van christenen in die regio.

 

De waarden van vrijheid van godsdienst en overtuiging zijn universeel. Tegen de achtergrond van intolerante totalitaire ideologieën en oorlogsgeweld kwam in 1948 de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens tot stand, waarin tolerantie, wederzijds respect, rechtvaardigheid, vrede en het algemeen welzijn voor iedereen centraal werden gesteld. Godsdienstvrijheid is geen recht dat door overheden wordt gegund, het behoort tot de intrinsieke rechten van iedere menselijke persoon, gebaseerd op zijn menselijke waardigheid.

 

Onder goed leiderschap is religie een sterke kracht voor het goede, in het bijzonder voor de ontwikkeling van iedere mens. Dat raakt iedereen, los van godsdienstige achtergrond. Respect voor religieuze pluriformiteit is onlosmakelijk verbonden met het algemeen welzijn en bestaanszekerheid voor iedereen.

 

Victor Scheffers, directeur Justitia et Pax


 

Deze column verscheen in gewijzigde vorm in Missio Wereldwijd maart-april 2011.