Welke maatregelen stelt uw partij voor om mensenhandel in en naar Nederland effectief tegen te gaan?
Mensenhandel is een ernstige vorm van georganiseerde criminaliteit, een schending van de rechten van de mens. Het gaat gepaard met dwang en uitbuiting ('moderne slavernij'), waarvan seksuele uitbuiting (prostitutie) wellicht de ernstigste vorm is. Een keiharde aanpak is dus noodzakelijk. De CDA-fractie onderschrijft ten volle het door de regering gevoerde beleid om mensenhandel te bestrijden. Maatregelen die het CDA voorstaat en die ook al door de regering zijn getroffen zijn onder andere de volgende.
- Mensenhandel is een van de prioriteiten in het Nederlandse beleid en bij het OM en de politie en dat moet vooral zo blijven. Dat de regering de aanpak van mensenhandel zeer serieus neemt, blijkt uit het feit dat er verschillende organisaties/instanties in het leven zijn geroepen om mensenhandel te bestrijden. Dit zijn onder andere de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, die elk jaar een rapport uitbrengt over de laatste stand van zaken, nieuwe ontwikkelingen en maatregelen ter verbetering van de bestrijding van mensenhandel. Daarnaast is er een speciaal Coördinatiecentrum Mensenhandel (Comensha), een Expertisecentrum mensenhandel (EMM), een Landelijke Expertgroep Mensenhandel (LEM), een Mensensmokkel Informatie Groep (MIG), en een speciale Task Force alleenstaande minderjarige vreemdelingen,
- Hoge straffen voor mensenhandelaars zijn zeer nodig. Mede op aandringen van het CDA zijn de straffen voor mensenhandel eind 2008 verhoogd. Op mensenhandel als “kaal delict” staat een straf van maximaal 8 jaar. Bij strafverzwarende omstandigheden (bijvoorbeeld handel van minderjarigen onder de 16, óf bij handel door twee of meer daders) kan de straf worden verhoogd naar 12 jaar. Als de handel gebeurt door 2 of meer daders èn het kinderen onder de 16 jaar betreft, kan de straf worden verhoogd naar 15 jaar. Als de mensenhandel gepaard gaat met de dood van het slachtoffer kan de straf worden verhoogd naar 18 jaar. (Voorheen was de bestraffing: respectievelijk 6, 8, 12 en 15 jaar.)
- Mensenhandelaars moeten zoveel mogelijk in de portemonnee worden getroffen. Financieel rechercheren moet dan ook bij elke mensenhandelzaak gebeuren, teneinde wederrechtelijk voordeel te kunnen ontnemen. Waar dit van meet af aan wordt gedaan, blijkt dit bijna altijd resultaatvol.
- Slachtoffers van mensenhandel moeten hulp en bescherming krijgen. slachtoffers die aangifte doen van mensenhandel kunnen een tijdelijke verblijfsvergunning (en daarmee onderdak) krijgen. Daardoor kunnen zij meehelpen aan het opsporen, vervolgen en bestraffen van de daders.
- In de asielprocedure is er steeds meer alertheid op signalen van mensenhandel en mensen worden speciaal getraind om slachtofferschap te kunnen onderkennen in de asielprocedure.
- Alleenstaande minderjarige vreemdelingen krijgen beschermde opvang, om beter te voorkomen dat zij met onbekende bestemming vertrekken en het risico lopen in de prostitutie terecht komen.
- Er zijn speciale medewerkers gestationeerd op Nederlandse ambassades in bepaalde landen van herkomst van waaruit veel mensensmokkel en mensenhandel naar Nederland plaats vindt en die samenwerken met ambassades van andere landen.
- Er zijn Snelle Actie Teams (SAT’s) om signalen van mensenhandel in bepaalde landen waar te nemen en om te voorkomen dat alleenstaande minderjarige vreemdelingen op het vliegtuig naar Nederland stappen. Er loopt nu een proef met Nigeria. Die wordt binnenkort geëvalueerd en de bedoeling is dat de SAT’s worden uitgebreid naar andere landen. Dit moet vooral via Europese samenwerking verder worden ontwikkeld.
- Afnemers van seksuele dienstverlening door minderjarigen moeten keihard worden aangepakt.
- Omdat veel slachtoffers van mensenhandel Nederlandse meisjes en vrouwen zijn en ook veel daders (pooierboys/loverboys) de Nederlandse nationaliteit hebben, is een keiharde aanpak van pooierboys nodig, met daarnaast hulpverleningspogramma’s voor slachtoffers van pooierboys en om meisjes die gevoelig zijn voor pooierboys meer weerbaar te maken.
- Terugkeer (mits veilig) van slachtoffers van mensenhandel naar het land van herkomst moet nadrukkelijk een van de beleidsuitgangspunten zijn. Daarvan gaat het signaal uit dat het niet lucratief is om Nederland als bestemmingsland voor mensenhandel te kiezen.
- Verder is nodig: meer internationale samenwerking / informatie-uitwisseling / gezamenlijke opsporingsteams bij de bestrijding van mensenhandel.
- In Europees verband moet er tussen de lidstaten en met land van herkomst meer worden samengewerkt bij de bestrijding van mensenhandel en mensensmokkel. Er zijn verschillende Europese plannen daarvoor in ontwikkeling.
- In het kader van preventie moeten in herkomstlanden samen met NGO’s voorlichtingsprojecten worden opgezet over de risico’s van migratie naar Europese landen.

Recent heeft de ChristenUnie een notitie over veiligheid uitgebracht. In deze notitie besteedt de ChristenUnie uitgebreid aandacht aan het tegengaan van mensenhandel. Het volgende wordt daarin door de ChristenUnie voorgesteld.
Mensenhandel is in onze samenleving een groot kwaad. De bestrijding daarvan moet hoog op de agenda blijven staan. Na een periode waarin het aantal meldingen afnam, is het afgelopen jaar het aantal meldingen met ongeveer tien procent toegenomen. De politie, het openbaar ministerie en de overheid hebben een belangrijke taak om samen te werken in deze strijd. Mensenhandel vindt niet uitsluitend plaats met het oog op gedwongen prostitutie. Ook worden, met name, mannen in land- en tuinbouw onder slechte omstandigheden tewerkgesteld. Daarin is helaas een stijgend aantal mannen slachtoffer van mensenhandelaars. Wat is nodig?
Meer samenwerking
Samenwerking tussen de verschillende overheidinstanties zal verder moeten worden ontwikkeld. Bij de politie en het Openbaar Ministerie wordt al met specialistische teams gewerkt. Het is nu nodig dat binnen de rechtspraak speciale rechters zich buigen over de beoordeling van mensenhandelaren en mensen die zich schuldig maken aan uitbuiting. Hierdoor zouden ook loverboys sneller bestraft kunnen worden.
Zwaardere straffen
Ernstige zedendelicten als verkrachting en mensenhandel behoren tot de zwaarst denkbare misdrijven omdat zij bij de slachtoffers en hun naasten diep ingrijpen. Alleen al om de samenleving tegen toekomstige misdrijven te beschermen, is het goed om de straffen voor mensenhandelaren te verzwaren. Wat de ChristenUnie betreft, moet bij recidive in principe een levenslange gevangenisstraf geboden.
Betere hulpverlening
Daarnaast zal de hulpverlening aan slachtoffers worden verbeterd. Met name zorg en veiligheid voor minderjarige slachtoffers is van groot belang. Het vergroten van de mogelijkheden van opvang en het verantwoordelijk maken van de betrokken instanties voor het opstarten van hulpverlening heeft prioriteit. Tot op heden is de angst voor represaillemaatregelen een hindernis om aangifte te doen. Er zal daarom verder worden gewerkt aan maatregelen om de aangiftebereidheid en het optreden als getuige in een strafzaak te stimuleren.
Betere regels
De wet 'Regulering en bestrijding misstanden in de prostitutie' moet zo snel mogelijk worden ingevoerd. Prostitutie wordt zo vergunningplichtig, dat biedt meer toezichtmogelijkheden, bovendien stelt het voorstel terecht de klanten strafbaar die gebruikmaken van de diensten van prosituees die slachtoffer zijn van mensenhandel.
Mensenhandel is een vorm van slavernij die met veel geweld gepaard gaat en de slachtoffers ervan, zij die het overleven, voor het leven tekent. Het is des te schrijnender dat dit fenomeen zich ook hier in Nederland, onder onze neuzen als het ware, voordoet.
De bestrijding van mensenhandel en uitbuiting van vrouwen in gedwongen prostitutie heeft voor D66 dan ook hoge prioriteit. D66 wil mensenhandel hard aanpakken en streeft naar een evenwicht tussen criminaliteitsbestrijding en de aanpak van fundamentele oorzaken in het eigen land van de slachtoffers. De opvang en begeleiding van slachtoffers van mensenhandel staat hierbij uiteraard voorop.
In Nederland moeten we meer aandacht besteden aan de aangiftebereidheid van slachtoffers, zodat de daders effectiever kunnen worden aangepakt. Maar hier houdt het voor D66 niet op. Mensenhandel is een internationaal probleem en vraagt om een internationale aanpak. Met name in Europees verband kan op dit gebied nog veel worden bereikt. Tenslotte is het belangrijk om het probleem ook bij de wortels aan te pakken. D66 wil dan ook binnen ontwikkelingssamenwerking meer aandacht aan dit thema besteden.
Mensenhandel moet worden beschouwd als een ernstige schending van de lichamelijke en geestelijke integriteit van de slachtoffers en omvat niet alleen prostitutie, maar vooral ook gedwongen arbeid. Mensenhandel laat zich lastig bestrijden als niet ook bij de bron, dus in herkomstlanden, ingegrepen wordt. De verbetering van leef- en arbeidsomstandigheden in de herkomstlanden van slachtoffers draagt bij aan het tegengaan van mensenhandel. Daarnaast moet worden voorzien in duidelijke voorlichting aan potentiële slachtoffers, bijvoorbeeld door op scholen in Oost-Europese landen jongeren te informeren over de gevaren van ogenschijnlijk lucratieve toekomstperspectieven in West-Europa.
GroenLinks vindt dat de bestrijding van mensenhandel niet alleen een nationale, maar vooral ook een Europese prioriteit is. Mensenhandel is immers grensoverschrijdend en de opsporing van internationaal opererende bendes kan dus niet een louter nationale aangelegenheid zijn. Op nationaal niveau moet het beleid vooral ook voorzien in hulp en steun aan slachtoffers van mensenhandel. Mensenhandel laat zich doorgaans slechts opsporen indien slachtoffers bereid zijn om aangifte te doen. De illegaal in Nederland verblijvende slachtoffers zullen daar niet over peinzen indien aangifte leidt tot een uitzetting naar het herkomstland, waar naar alle waarschijnlijkheid handlangers van de mensenhandelaars de slachtoffers (en hun naaste familie) staan op te wachten. Ongeacht de medewerking van slachtoffers aan de strafrechtelijke procedure moet Nederland bereid zijn verblijfsvergunningen en veilige opvangvoorzieningen te bieden aan slachtoffers. Sowieso moet in de handhaving scherper gelet worden op signalen van mensenhandel.

De PvdA zet zeer stevig in op de aanpak van mensenhandel. Mensenhandelaars zijn vaak de kwade genius achter het frauderen bij migratie en het uitbuiten van mensen. Soms zelfs met de prostitutie van minderjarigen tot gevolg. Deze mensenhandelaars moeten keihard worden aangepakt. Daarom zijn er ook hogere straffen gekomen voor mensenhandel en is er een betere bescherming voor slachtoffers van mensenhandel. Verder moet er een nog betere internationale samenwerking komen als het gaat om het opsporen van mensenhandelaars.
Geen standpunten aangegeven.
Op veel terreinen geeft de overheid zelf het slechte voorbeeld. De afschaffing van het bordeelverbod doet velen niet alleen denken dat prostitutie een normaal beroep zou zijn, maar blijkt ook veel prostituees uit Oost-Europese landen aan te trekken. Veel ‘exploitanten’ maken zich schuldig aan uitbuiting en vrouwenhandel. Bestrijding van mensenhandel is een complexe zaak. Om dit type misdrijf daadkrachtig tegen te gaan, is het noodzakelijk dat er rechters komen die zich specialiseren in het bestrijden van deze misdrijven.
Mensenhandel (vrouwenhandel) is een zaak die vooral ook op internationaal niveau speelt. Dat zorgt voor ingewikkelde opsporings- en strafzaken. Juist zulke internationaal opererende bendes moeten effectief kunnen worden aangepakt. Samenwerking met politie en justitie in andere (Europese) landen moet daarom worden geïntensiveerd. Ook de uitwisseling van gegevens inzake verdachten, wijze van opereren en vormen van criminaliteit moet sterk verbeterd worden. Dit geldt reeds op het landelijk niveau, waar de korpsen nog lang niet altijd goed samenwerken, maar zeker ook op internationaal vlak.
Deze zaak speelt in het bijzonder bij prostitutie. Dat is in strijd met de waardigheid van de vrouw, een vorm van geweld tegen vrouwen, temeer omdat er sprake is van dwang. Het bordeelverbod moet daarom weer worden ingevoerd. Zolang dit landelijk niet is gebeurd, moeten gemeenten voluit de ruimte krijgen om elke vorm van prostitutie uit hun gemeenten te weren. De vrouwen die verstrikt zitten in de prostitutie mogen niet aan hun lot worden overgelaten, maar moeten hulp krijgen. Elke gemeente biedt hun een uitstapprogramma aan om weer een menswaardig bestaan op te bouwen. Zolang prostitutie legaal is, moet de minimumleeftijd van prostituees fors omhoog naar tenminste 23 jaar. Mannen die gebruik maken van illegale prostituees moeten gestraft worden. Voor meisjes en vrouwen die geronseld worden voor prostitutie en dus slachtoffer van mensenhandel zijn, dient meer opvangcapaciteit beschikbaar te komen. Mensenhandelaren krijgen zelf te maken met zwaardere straffen.

Slachtoffers van mensenhandel krijgen het recht op een permanente verblijfsvergunning, als zij bereid zijn te getuigen tegen degenen die hen hebben verhandeld. Mensenhandel wordt hard bestreden.
Voor ingewikkelde zaken zoals kinderporno, cybercrime, mensenhandel en zedendelicten moet bij politie, Openbaar Ministerie en rechters meer kennis en expertise komen. Pooierboys worden hard aangepakt, ook als geen aangifte van strafbare feiten is gedaan – bijvoorbeeld omdat het slachtoffer dit niet durft – moeten daders worden opgespoord en vervolgd.
Geen standpunten aangegeven..